De dame die ’s ochtends het ontbijt in ons hotel verzorgt, schiet bijkans in de stress. Een grote groep Hollanders die ineens wat willen eten in de bar. Het is een bar die voornamelijk ingericht is op een kleine ‘cafecito’, ‘cortado’ of een snelle croissant. In rap Spaans maakt ze ons duidelijk dat we wat moeten kiezen. Fruit, yoghurt, toast, koffie, sap. En wel ‘ahora’. Uiteindelijk komen er in een razend tempo allerlei gerechten uit de keuken. De broodjes met Serranoham stonden eigenlijk niet op het menu. Vale. We nemen het ervan. Iedereen valt gretig aan, want het is koolhydraten stapelen voor vandaag. Er wachten bijna 130 kilometer met 2600 hoogtemeters op ons. Een fikse uitdaging, maar wel eentje waar iedereen naar uit lijkt te kijken. We zijn op stap in Baskenland. Dit is Deel 3. Lees vooral ook deel 1 en deel 2!

Foto’s: Ruben Hoogland en Sander Kolsloot. Tekst: Sander Kolsloot

We are in good company

De twee tengere gestaltes van de Euskaltel mannen op het plein verraden genoeg: zij zijn gemaakt voor dit terrein en als lokaal team (gesponsord door Etxeondo) zijn ze graag gezien in de regio. Als even later een net zo fitte dame van het Laboral Kutxa team ook haar opwachting maakt, weten we genoeg. We zijn in goed gezelschap. Ook topchef Iñigo Lavado staat fris gewassen aan het vertrek. Dit belooft een mooie dag te worden.

Een grote ronde

Als de Vuelta een etappe neerlegt in Baskenland, dan kiezen ze vaak voor een route gdie lijkt op de onze. Niet gek, want de prachtige heuvels (of zijn het bergen?) liggen aan je voeten. Namen als Azpirotz, San Miguel en Lizarraga klinken menig liefhebber als muziek in de oren. Op de Azpirotz legden ze in vroeger tijden nog eens een finish neer. Luigi Barral en Martin Piñera konden hier hun handjes in de lucht gooien. We spreken dan wel over respectievelijk 87 en 61 jaar geleden. In huidige tijden is dit slechts een opwarmertje voor het echte werk van San Miguel de Aralar. Voor velen een stuk meer herkenbaar met Fabio Aru die Tom Dumoulin hier gek draaide in 2014 en Richard Carapaz als recente winnaars. Wat betekent dat voor de gewone ziel? Dat het pijn gaat doen. Als cadeau wacht een zeer mooi uitzicht over de vallei.

Grupetto Peio – ‘Grupeio’

De weg loopt direct licht stijgend omhoog. Na iets minder dan 20 kilometer dient zich de Azpirotz aan. Vrij snel rij ik iets achter de groep. Met mij ook Peio Goikoetxea, een van de wat oudere rijders van Euskaltel. We vormen samen met Flip de ‘Grupetto Peio’, die meteen Grupeio wordt gedoopt. Wat een heerlijk gezelschap op een klim van bijna acht kilometer lengte. Ook Patxi van Etxeondo voegt zich bij ons en later daalt Haimar nog even af om ons te helpen. Het is een voorproefje voor de langere en steilere San Miguel de Aralar. Terwijl we bijna bij de top zijn, rijden we door de groene bossen en ineens zien we een mooi hert. Bijna uniek voor deze regio. Een leuke bijkomstigheid.

San Miguel met Grupeio

Na een ultrakorte afdaling ligt de San Miguel aan onze voeten. ‘Grupeio’ vormt zich al snel en ondanks de steile klim is het een topervaring. Eigen tempo omhoog, praten over trainen in de regio, de koers en ondertussen praat Peio ons bij over de omgeving. Het is steil en het is geen wonder dat Annemiek van Vleuten hier de QOM in handen heeft. De klim is onregelmatig en het wisselt tussen de vijf procent met uitschieters van 13 (!) procent verderop. Hoe dichter bij de top hoe meer het landschap opentrekt. Het uitzicht op rechts is geweldig. Terwijl we nog even aanzetten voor de top lukt het nog snel om een foto te schieten. Puur genot. Bovenop draaien we na een korte pauze maken we ons klaar voor de afdaling. Haimar en Patxi waarschuwen ons voor de weg naar beneden. ‘Easy, because it’s steep’.

De definitie van een geitenpad

Als ik aan Vuelta denk dan zijn er twee dingen die mij te binnen schieten:

  1. De extreme hitte op lange, eindeloze ‘oversteeketappes’. Rechte wegen, droge velden. Niet te doen
  2. Geitenpaden. Beklimmingen met een stijging boven de vijftien procent waarbij het paadje omhoog meer geschikt is voor een kudde geiten dan een ronde peloton

De afdaling van de San Miguel is er zo eentje. Een geitenpad. Het gaat steil naar beneden en voor langere tijd komt de hellingshoek niet in de enkele cijfers. Een wegdek dat rechtstreeks uit Wallonië lijkt te zijn geïmporteerd. Wat volgt is een afdaling met dichtgeknepen billen en met de wind. De kenmerkende wind die altijd door deze regio lijkt te blazen. Uiteindelijk bereikt iedereen veilig de voet van de beklimming. Massages zijn nodig en lichte nekkrampen gegarandeerd.

Lizarraga

Met een uitzicht over de vallei is het goed klimmen. Onze Grupetto Peio is weer wat groter geworden, als ook Daan zich bij ons aansluit. Ruben draait rondjes om ons heen, terwijl de rest probeert om in het wiel te blijven. Lizarraga is een van de fijnste trainingsklimmetjes. Niet te steil en in tegenstelling tot het eerdere geitenpad een ware verademing. Zoals gezegd: het uitzicht is prachtig en als je omhoog rijdt dan verwent ‘Liza’ je ook nog met een paar schitterende haarspeldbochten. De twee tunnels op de top zorgen voor een mooi decor voor een foto en in het restaurantje op de top staan de cortado’s al klaar. Want ook dat is Baskenland. Na het zuur komt het zoet!

Op twee lekke banden

Hoeveel geluk kun je hebben? In de afdaling van Lizarraga, waar de wind van alle kanten tegen mijn hoge wielen slaat, rijd ik over een steen. Ik zag m te laat om te ontwijken. Na een snelle check ga ik verder. Dat ik op twee leeglopende banden rijd weet ik dan niet. Ik vat de laatste beklimming aan. Ondersteund door zowel Unai als Peio rijden we in een mooie grupetto omhoog. Het is zwaar en dichtbij de top houd ik de groep niet bij. We rijden door, maar als we nog één kilometer te gaan hebben zet ik aan. In een bocht ga ik bijna onderuit en roept Peio ‘lek!’. Bovenop is het euvel snel gevonden. Lekke banden, voor en achter. Met maar 1,8 bar ben ik blij dat ik boven ben gekomen. Vakkundig word ik geholpen. Als toeschouwer is dat ook wel lekker.

Windmolens en stieren

Het windmolenpark op de top van de berg draait overuren. De wind blaast stevig over de vlaktes. Hier kun je het verschil maken in een etappe. Of hier kun je flink afzien. De laatste klim leidt ons naar de top, in de buurt van de molens en daarna richting Pamplona. Pamplona, thuis van Miguel Indurain en elk jaar het toneel van de stierenrennen. Als iedereen zich opstelt in de smalle straatjes worden elke dag om 8 uur ’s avonds de stieren losgelaten. Vaak gaat het goed, maar soms worden mannen gegrepen. Bij binnenkomst in de stad kijkt de heilige toe en worden de dappere mannen en vrouwen toegeroepen. Een spektakel op zich. Ik bekijk de beklimming van het centrale plein en de weg die de stieren afleggen vanuit de auto. De fiets moest met nog 5 kilometer te gaan gedepanneerd worden. Einde etappe. Maar wat een dag.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp