Een grote wijdsheid ligt voor ons. Terwijl we lange halen over een knisperend gravelpad maken, blaast een licht briesje in het gezicht. De zon laat zich zien op deze lentedag. Dit is Zeeuws-Vlaanderen op zijn allerbest. WEST-zeeuws-Vlaanderen om precies te zijn. Een stukje Nederland met een geheel eigen identiteit. Hier komen Zeeland en Vlaanderen samen. Een vleugje bourgondisch genieten, maar ook akkerlanden. Rechte wegen, maar ook kasseien. Een kustlijn populair bij velen, maar de rust die je maar zelden kunt vinden. 

Sluis 

Een zoete kleverige Zeeuwse lekkernij, met een naam die soms doet fronsen. De Zeeuwse Bolus, een geliefde metgezel van een goede kop koffie. Bij Bakkerij Sint Paulus in Sluis, daar weten ze er wel raad mee. Als je dan toch een extra calorieën bommetje gaat pakken, dan is deze toch wel een aanrader. Niet toevallig is dit ook het startpunt van onze route. Bestaat er dan zoiets als toeval? Ik denk van niet. Sluis is sowieso een mooie plek voor een stop. Met de stadswal, het pittoreske centrum en de naam van culinaire hotspot, is Sluis dé plek voor een stop!

Verdwenen Zwinhavens

De regio rondom Brugge en Sluis was een welvarende handelsmetropool. De zeeverbinding met Brugge, daar waren meerdere ‘zwinhavens’. Het Zwin, een natuurgebied dat grotendeels in België ligt, maar ook nog een mooi deel in Nederland heeft is een prachtige schatkamer, waar je vogels kunt spotten, waar je letterlijk over de grens rijdt en waar je je in een prachtig UNESCO Global Geopark bevindt. Not too bad

Als je hier gaat fietsen, dan slinger je langs het water. Het is af en toe een aantal andere fietsers ontwijken, maar op de brede gravelpaden is dat geen enkel probleem. Een stop bij het bezoekerscentrum voor een plaspauze of een kleine ‘apero’ is een aanrader. Verderop, net na de zwinhavens, vind je het boerenverdriet. Eigenlijk een driesprong, met een heuvel en daarop een grenspaal. Een markering van ‘het boerenvedriet’, waarbij de verklaring voor de benaming mooi wordt uitgelegd op de site van Gastvrij Zeeuws-Vlaanderen.

Boerenland is perfect voor gravel

Als randstedeling maakte ik nog wel eens slechte grappen over minder dicht bevolkte gebieden in Nederland. Laten we het jeugdige onwetendheid noemen. In de afgelopen jaren ben ik keer op keer weer verrast door de schoonheid van ‘het boerenland’. Want eerlijk is eerlijk: veel gravelwegen of kasseienstraatjes zijn van origine boerenweggetjes. Er is dus een sterke correlatie tussen minder bevolkte (of zeg je dan minder ontwikkelde?) gebieden en goede gravelroutes. City gravel is nog steeds een gimmick en voor de mooiste gravelroutes van Nederland zit je toch snel in de Achterhoek, Drenthe en….Zeeuws-Vlaanderen! Kilometers lange tweebaans gravelpaadjes die de gemiddelde gravelenthousiast doen kwijlen. Ook in deze route worden we verwend.

Vestingen, kerken en kasseien

In het Zeeuws-Vlaamse land vind je naast kilometers aan gravel ook een aantal prachtige architectonische hoogtepunten. De wallen van Retranchement, de kerk, de muur (en de wallen) rondom Sluis, de kerktoren van Sint Anna ter Muiden. De torens van de kerk vormen bakens in de verte. Vroeger kon men zich daardoor goed orienteren, maar ook nu is het handig, voor als je bijvoorbeeld de weg even niet meer weet. Daarbij is het een mooie afwisseling in het typische laagland, dat ook in Zeeland zo kenmerkend is. In dat laagland vind je ook menig kinderkopjes straatje, ook wel bekend als kasseien. In een eerder stadium

Langs de kust

Zoals bezongen door de Zeeuwse Band Bløf is de Zeeuwse kust echt prachtig. In deze route pak je een groot deel van deze kustlijn mee, eigenlijk van Hoofdplaat, via Breskens en dan helemaal door naar Cadzand. De wind zal altijd een factor zijn, maar als er storm staat, dan zul je wel even achter de oren moeten krabben. Ik zelf vind water en zee altijd magisch. Het is ongelooflijk om dit natuurverschijnsel te zien en te bedenken dat Zeeland zo’n bijzondere en soms ook donkere historische relatie heeft met het water. Vaak ingezet in oorlogstijd, maar ook die eerste februarinacht van 1953. Daarom is de kustlijn volgen een must-do. Het vormt ook een mooie aanvulling op de route!

Tips en de route zelf

  • Zoals beschreven is een stop in Sluis een ‘must-do’. De bolus bij Bakkerij Sint Paulus kunnen we aanraden
  • Lunch in Breskens is sowieso ook een idee. Wij hebben Blossom Kitchen & Bar een meer dan goede lunch gehad. Het naastgelegen pannenkoekenhuis zag er ook niet verkeerd uit.
  • Onderweg kom je op deze route relatief weinig uitspanningen tegen. Vlak voor Breskens is nog het Speel- en Bunkerpark Groede Podium en later in de route kun je bij Biervliet of terug bij Hoofdplaat nog een stop maken. In de zomer zijn de strandtenten bij Nieuwvliet-bad en Cadzand-bad een tip. Woest17 is dan een mooi alternatief. Neem dan wel even een slotje mee om je fiets vast te zetten
  • Het hoekje naar Sint Anna Ter Muiden, vlak voor de finish kun je zelf maken. De beheerder van de Kerk neemt je graag mee op een historische reis.
  • Wil je fijn overnachten? Overweeg dan de Breydelhoeve in Retranchement.

Gravelroute West-Zeeuws-Vlaanderen

Dit artikel en deze reis is mede mogelijk gemaakt door Gastvrij Zeeuws-Vlaanderen. Meer informatie over de regio en andere inspirerende routes vind je op de site van Gastvrij Zeeuws-Vlaanderen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *