Het WK-parcours van Leuven

1631887565175

Van zondag 19 september tot zondag 26 september 2021 vindt het wereldkampioenschap wielrennen plaats in Vlaanderen. Brugge en Leuven zijn de belangrijkste plekken waar gereden wordt. In Brugge worden de tijdritkampioenen onthaald en in Leuven zal zondag de apotheose zijn. De lus in en om Leuven nemen we wat beter onder de loupe in dit artikel.

Vlaamse Heuvels

Wie aan Vlaanderen denkt, denkt aan heuvels en aan kasseien. Uiteraard is er de Muur van Geraardsbergen, de Oude Kwaremont en meer van dit soort pijnlijke kennismakingen met het glooiende Belgische land. De organisatie van dit WK heeft er echter voor gekozen om enkele, wat onbekendere hellingen op te nemen in dit parcours.

Sowieso is het Vlaamse heuvellandschap een regio om in te lijsten. Voor de gemiddelde fietser is het smullen geblazen. Fraaie landweggetjes, waar je geen kip tegenkomt, klimmetjes links en rechts, want hier is geen meter vlak en je kunt er ook voldoende kasseienstroken vinden. Het is tenslotte ook een stuk boerenlandschap, waar de kassei haar oorsprong vindt.

Parcours

Nu weer even terug naar het parcours. Want dat is vooral heuvelop, heuvel af. Er is een lus in en om Leuven, maar we focussen ons nu even op de ‘Flandrien lus’ zoals het zo mooi heet. Hierbij de belangrijkste klimmetjes op een rij:

  • Smeysberg (600m – 8,1%)
  • Veeweidestraat (484, – 5%)
  • Bekestraat (440m – 7,6%)
  • Taymanstraat – Overijsse (800m – 4,4%)
  • Moskesstraat (500m – 9,1%)

Veel van deze beklimmingen zijn (wel eens) opgenomen in de Brabantse Pijl, maar dat is juist een koers die niet door velen bekeken wordt. Mooie vooruitzichten dus!

Uitvlakken

Zodra we Leuven verlaten wordt een ding duidelijk: dit is typisch voor het Vlaamse heuvellandschap want er is geen meter vlak. Voor de gemiddelde amateur is dat even schakelen, zeker als je de kaarsrechte strakke polderwegen gewend bent.

Asfalt

De eerste teleurstelling moeten we gelijk slikken als we de Smeysberg zien. Asfalt. Zwart, glad asfalt. Er is voor gekozen om op meerdere plekken even de plaatselijke BAM te bellen en daar wat nieuwe zwarte gladheid aan te brengen. Dat is zonde want deze beklimming zou juist extra pijn doen met het originele wegdek. Ook in de stad Leuven is gekozen om veel straten van nieuw glad asflat te voorzien. Op zich is dat wel prettig in de stad, maar op de beklimmingen is het wel jammer. De Smeysberg is nu een kaarsrechte lijn omhoog. Met een maximum van 17%. Dat dan weer wel.

Bovenop de Smeysberg draaien we af richting de volgende scherprechter, de Moskesstraat. Deze kasseienklim is een van de echte scherprechters van dit parcours en ondanks de 500 meter in lengte (kort) is de 9,1% gemiddeld wat echt pijn gaat doen. Gelukkig is de Moskesstraat nog wel de kasseienklim die het moet zijn, maar ook hier heeft men wel de stratenmaker gevraagd om alles wat netter recht te leggen.

Na de Moskesstraat kom je vrij rap aan in Overijsse, bekend van de cross. De Taymanstraat en de bochtige sectie daar is een mooie uitdaging en ook hier zal menigeen weer pijn in de benen voelen. Dit stuk is het minst steil, maar toch moet er weer 800m aan ruim 4% geklommen worden. In de finale zal dat toch z’n tol eisen.

Pijn leiden

Na Overijsse gaat het naar beneden maar zoals gezegd volgen de klimmetjes elkaar in rap tempo op. De Bekestraat is de volgende uitdaging en ook hier is het weer aanpoten. Deze kasseienklim lijkt overgeslagen in de hele opfrisbeurt van de gemeente en het is echt zoeken naar de juiste cadans. ‘Slechts’ 440 meter maar je kunt hier zo maar de connectie met de voorste groep verliezen.

Rondom Leuven

Als je denkt dat de Flandrien lus pijn doet, bedenk dan dat de renners ook nog meermaals over een lokale ronde rondom Leuven moeten rijden. Daarin zitten de Keizersberg en de Wijnpers. Die gaan ook serieus pijn doen, want die zijn 400m aan 6% en 300m aan 7,6% respectievelijk. Bedenk wel dat je de Keizersberg 7x op moet en de Wijnpers 8x. Niet grappig. Vooral de Keizersberg is naar, want daar zit een heel stuk aan 10-12% in. Dat vlakt dan weer af, maar we kunnen bevestigen, het doet echt pijn. Ook de rechte lijn omhoog op de Wijnpers, die qua gemiddelde weinig schommelt vinden bij onze beentjes weinig happiness.

Al met al pak je in iets meer dan 60 kilometer toch al snel zo’n 600 hoogtemeters mee. Dat is niet mis.

Alternatief

Wil je uiteindelijk het WK parcours een keer fietsen en daarna toch even iets anders mee pikken? Je kunt vlakbij (20 kilometer verderop) ook het dorpje Hoegaarden bezoeken. De rit ernaar toe is even zo heuvelachtig als de rest van de omgeving. De beloning in het dorp is echter zeer zoet! Hoegaarden is bekend om haar brouwerij. Het (wit)bier van de lokale brouwer zal dan ook extra lekker smaken.

Meer weten over het WK? Kijk dan op de site van Flanders 2021.

Fietsen in Vlaanderen is soweiso tof. Check de site van Cycling Flanders voor meer info