Als de wekker om 07:15 gaat, hoor ik wederom de vogels fluiten. Spiekend door het raam van het hotel valt een ding gelijk op: er zijn vandaag wolken. Dat kan van alles betekenen in de bergen. Meestal betekent het een beetje bescherming tegen de zon. Vaak betekent het regen. Heel soms ook met onweer. Een vlugge check in de plaatselijke buienradar geeft uitsluitsel. Geen regen. Mooi. Dan kunnen we er weer goed tegenaan. Want het programma is weer om van te watertanden. Fietsen in Crans-Montana: Lac des Dix of ook wel Barrage de la Grand Dixence. Een zogenaamde dead-end die in 25 kilometer naar de voet van de dam leidt. Met ook de klim terug naar het dorp Crans op het programma een fikse uitdaging. Lees hier overigens deel 1 van onze trip naar Crans-Montana.

Going down

Skidorp Crans-Montana ligt op 1500 meter (of 1400 meter afhankelijk van wie je het vraagt) boven zeeniveau. Een van de kenmerken van een verblijf in Crans-Montana is dat je eigenlijk altijd eerst naar beneden en dan pas weer naar boven gaat. Vanuit ons basecamp in het centrum, de Alaïa Lodge, is het in een rechte lijn naar beneden. Dit is vrij belangrijk om te onthouden: je eindigt bijna altijd met een klim. Tenzij je helemaal gesloopt bent. Dan kun je de bus of de funiculaire nemen. Als die het doet. In de bus moet je altijd reserveren voor jouw fiets. Eigen risico. Onze rit begint dus weer met een afdaling. Dit keer over wat kleinere weggetjes door de wijngaarden. De percentages zijn daar niet te mals. 20% omlaag over een smalle strook. De drempels aan het einde bij Sion stonden niet in Komoot.

Grand Dixence

Barrage de la Grand Dixence, bij het Lac des Dix is een heel bekende stuwdam en een wat minder bekende fietsklim. Aangelegd in 1929 is het een imposante verschijning. Het is de grootste of hoogste dam ter wereld na die in Tajikistan. Met 285 meter hoogte en 700 meter lengte is het ongelooflijk om te bedenken dat dit een door de mens gemaakte constructie is. Zeker gezien de tijd waarin deze is aangelegd een absoluut meesterwerk. Het is de grootste zwaartekracht dam van de wereld. Ik kan nog een heel artikel wijden aan deze dam en er is eerder zelfs een film over de constructie gemaakt. Best wel indrukwekkend allemaal. Met dat in gedachten ga je een constructie als Grand Dixence nog meer waarderen.

Rustig beginnen

Als we de afdaling hebben voltooid worden we opgewacht door Erwin & Erwin. Zij hebben de afzink met de auto gedaan. Dat scheelt ook weer in de weg omhoog. We vertrekken richting de start van de klim, vanuit een buitenwijk van Sion gaat het omhoog. Komoot leidt ons weer eens over een stukje Zwitsers vlak. De teller schiet boven de twintig procent en bovenaan deze fijne opwarmer staan we te hijgen als postpaarden. Dan moeten we er nog aan beginnen, zoals José de Cauwer dat altijd zegt. De eerste kilometers naar Vex gaan over de gewone provinciale weg. Niet de mooiste route en ook zeker niet de rustigste. Dat is even doorkomen, want na het zuur komt het zoet.

Slingerend omhoog

De klim naar Grand Dixence kenmerkt zich vooral door zijn lengte, de tweedeling in de klim en ook wel de hoogte. Het eindpunt ligt boven de 2100 meter. Het venijn zit ‘m bij deze klim in de staart. De laatste vier kilometer presenteren je stijgingspercentages die je doen duizelen. Het is een kunstwerk dat daar in de haarspeldbochten klaar ligt, maar wel eentje om door te stampen. Op de weg er naar toe is het eerste deel tussen Vex en Héremance een mooi stuk met bochten en uitzichten over de vallei. Na Héremence verschijnt de achterkant van de vallei in beeld en daarmee ook de imposante dam. Wij hebben in het dorpje even gestopt om weer bij elkaar te komen en water bij te vullen. Tot nu toe is het volop genieten.

Monster van een klim

Hoe dichter bij het eindpunt, hoe meer duidelijk wordt wat voor monster deze klim eigenlijk is. Na even in slaapstand gesukkeld te zijn door een stuk relatief vlak, begint de weg rap weer op te lopen. Het is een bijna rechte lijn, die pas op vier kilometer onder de top verandert in een wirwar van haarspeldbochten. Vergis je niet dat deze rechte lijn zomaar aan acht procent gemiddeld omhoog loopt. Eenmaal bij de haarspeldbochten begint de Wahoo ernstig tegen te stribbelen. Hij slaat dieprood uit en ik zie getallen tot aan vijftien procent. Voor een paar honderd meter komt ie niet onder de tien. Het is zwoegen, zweten maar ondertussen spiek ik toch even naar die prachtige haarspeldbochten. Dat wordt genieten van mooie foto’s!

Onweer

Uiteindelijk komen we boven. Op de dam zit een mogelijkheid om met de kabelbaan helemaal naar de top te gaan. Met de fiets is dat niet mogelijk, je eindigt onderaan de dam. Wij blijven daar ook en ploffen op het terras voor een drankje. Ineens horen we gerommel verderop. Zonder het te merken, we waren te druk met de beklimming, heeft er zich een wolkendek boven de vallei gevormd. De donkere wolken zijn onheilspellend en het bijbehorende geluid zegt genoeg. This means trouble. Je hebt dan twee keuzes: blijven zitten of snel teruggaan. Ruben en ik besluiten na het legen van ons glas om direct terug te gaan. Erwin en Erwin blijven nog even boven en gaan naar de top van de dam. Achteraf waren beide keuzes even goed. Het onweer is overgetrokken.

Afdaling

De afdaling is puur genot. De eerste vier kilometers is het draaien en keren, maar door de korte stukken heb je geen hoge snelheid en kun je technisch goed dalen. Het verkeer valt mee en veelal zijn de bochten overzichtelijk. Na vier kilometer draai je het lange overzichtelijke stuk op. Vanaf hier is het echt vol gas naar beneden. Dat is ook wel eens fijn. Kleine knikjes in het wegdek, weinig tot geen verkeer. Eigenlijk kun je helemaal opgaan in je eigen wereld. Dat is wel de kers op de taart van deze beklimming. Hoewel het een dead-end is, komt deze hoog in de top van gereden beklimmingen.

Nat wegdek

Hoe dichterbij Hérémence, hoe natter het wegdek. Het onweer heeft ook wat regen meegebracht en blijkbaar heeft de hemel even opengestaan. Vanwege de warmte droogt het ook weer snel op. Gelukkig is het geen bochtig parcours. In het dorpje stoppen we weer voor het bijvullen van de bidons en Ruben klus wat aan z’n fiets. De velgremmen hebben z’n beste tijd gehad en moeten even omgedraaid worden. We staan in de schaduw, maar elke stap in de zon is een aanslag op het lichaam. Het warmt heel hard op. Het laatste stuk, via Vex en wat mooie haarspeldbochten brengt ons weer op de provinciale weg richting Sion. Eenmaal onderaan is het oversteken door de vallei richting Sierre voor de klim omhoog.

Abandon

Al tijdens de beklimming merk ik dat ik wat fysieke ongemakken heb. Die gaan niet weg en ik kan niet goed meedraaien omhoog. Ik ben blij als ik boven aankom. Met de pijnlijke klim naar Crans-Montana in gedachten kijk ik het nog even aan. Bij de oversteek door de vallei kom ik erachter dat het een zware dobber gaat worden om nog vijftien kilometer aan acht procent omhoog te rijden en dat in de brandende zon. The decision is made. In Sierre stoppen we bij een lokale tent om even wat te eten en vervolgens ga ik gemotoriseerd omhoog. Het is even niet anders. Later begrijp ik dat de klim voor Ruben ook niet als vanzelf ging. Dat is dan een schrale troost. Terwijl ik omhoog ga, zie ik nog een glimp van mijn grote vriend Christus de Verlosser. De hele dag niet gezien. Volgende keer maar weer om hulp vragen.

Route

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp