Peak hunting: the Peak District

Alleen al vanwege de pakkende naam, Peak District, wil je naar dit nationale park in het midden van Engeland. In het graafschap Derbyshire, ten oosten van de steden Nottingham en Sheffield vind je prachtige wegen en peaks met namen als ‘Long Hill’, ‘Axe Edge’, ‘Cat & Fiddle’, ‘Mam Tor’ en ‘Winnats Pass’. Ook plaatsnamen als Windmill en Bakewell zullen bij menigeen een grijns op het gezicht brengen. We gingen op onderzoek om een aantal hoogtepunten in deze prachtige regio uit te zoeken.

Het park zelf

Dit heuvelachtige gebied was in de jaren ’50 van de vorige eeuw het eerste nationale park in Engeland. Het ligt niet alleen in Derbyshire, maar bestrijkt ook een deel van Cheshire, Staffordshire en andere graafschappen Je kunt het park grofweg onderverdelen in twee gedeeltes:

  • Dark Peak: dit is het ruigere, meest noordelijke gedeelte van het park. Je vindt hier ook de hoogste pieken, o.a. Kinder Scout, met 636 meter het hoogste punt
  • White Peak: dit is het lager gelegen gedeelte, voornamelijk in het zuiden, met grote kalkstenen plateaus. Dit gedeelte is maximaal 400 meter hoog en wordt eigenlijk een beetje omsloten door Dark Peak.

In het park vind je verschillende dorpjes, o.a. het spa resort Buxton, waar je ook een bezoek aan de lokale Buxton Brewery niet mag ontbreken. Uiteraard liggen in dit park ook vele oude kastelen of herenhuizen (het is maar hoe je er naar kijkt. Je vindt alle info op de site van het toerismebureau

Fietsen

Het park biedt een verscheidenheid aan fietsmogelijkheden. Er zijn een flink aantal paden die verkeersluw zijn en die zich uitstekend lenen voor een mooie gravelrit of een ritje op een ATB/MTB. Bijvoorbeeld de Tideswell & Millersdale route, die over een oude spoorlijn loopt. In 30 kilometer rijd je 527 hoogtemeters op (grotendeels) onverhard terrein.

Ook de wegen rondom het dorpje Matlock, waarbij je schitterend uit kan kijken over de omgeving is zeker de moeite waard. Die is ook wel wat heftiger, met 700hm in bijna 40km fietsen.

Maar nu even terug naar de weg, want dat is waar we ook graag naar kijken. In het park zelf zijn de wegen goed onderhouden en je kunt allerlei verschillende kanten op. Wat in ieder geval niet op jouw route mag ontbreken is een ritje langs Winnats Pass en langs Mam Tor

Winnats Pass

De naam Winnats pass is weer afgeleid van ‘windy gates’ omdat het hier zo lekker kan waaien. Daar moet je dus wel even rekening mee houden en zeker niet te hoge wielen steken. Deze schitterende heuvel is slechts 2,5 kilometer lang maar het uitzicht is werkelijk waar schitterend. Let er ook wel even op dat je heftig omhoog gaat want het gemiddelde op dit klimmetje is 9,2% en er zit een uitschieter naar 18(!)% tussen. Zorg dat je uiteindelijk even goed op adem komt en je kunt genieten van het uitzicht. Als je helemaal van bovenaf kijkt, lijkt het wel alsof er een soort krater in de aarde zit waar deze pas doorheen loopt. Een must-do als je hier bent.

Peaslows

Als je toch richting Winnats pass wil, kun je deze mooi combineren met een andere kuitenbijter genaamd Peaslows. Start in het dorpje Chapel-en-le-Frith (what’s in a name) en je gaat via Sparrowpit naar Winnatspas. Dan pak je dit klimmetje mee. Je kunt het niet echt een opwarmer noemen want het is aan 11% gemiddeld over bijna 2 kilometer. Mocht je nog niet warm zijn, dan sta je te puffen bovenop.

Mam Tor

Deze ‘Mother Hill’ in het Peak district is schitterend. Moeten wij nog meer zeggen met plaatjes als deze? Voor wat betreft de beklimming zelf heb je twee opties. Vanuit het noorden of vanuit het zuiden. De zuidelijke variant begint redelijk stevig met 7% voor een paar kilometer maar vlakt daarna toch echt af naar helemaal 0 om de laatste paar honderd meter nog even steil omhoog te gaan.

De noordelijke variant, vanuit het plaatsje Hope, heeft eigneljk een hele lange aanloop van 9 kilometer heuvelachtig, tussen de 2% en 5% om uiteindelijk de laatste twee kilomter ineens de hoogte in te schieten. Je rijdt dan 1 kilometer aan 11% gemiddeld, dus dat is best pittig.

Snake Pass

Deze hoort eigenlijk ook wel op de lijst. Met name omdat dit doet denken aan een echte klim. Je kunt bijna zeven kilometer met gemiddeld 5,3% omhoog gaan. De klim is heel geleidelijk en daarom is dit misschien wel de ideale trainingsklim in dit gebied. Het landschap doet je haast denken aan Zweden of Canada met z’n bomen. Maar het is toch echt Engeland.

Tot slot

Er is naast bovenstaande nog veel meer te verkennen. Wat wil je ook in een park dat bijna 1500 kilometer groot is. Alle informatie over een bezoek aan deze schitterende omgeving vind je op de site van The Peak District. Mocht het dit jaar nog lukken (2021) dan maak je ook nog eens het 70-jarig bestaan van dit park mee. Mooi toch?