Classic rides. Beklimmingen of routes die je eigenlijk een keer gedaan wilt hebben in jouw fietsleven. Waarbij de naam leidt tot een blik van herkenning. Van Alpe d’Huez tot Mont Ventoux, van Stelvio tot Furkapas. Wat we met Cycling Destination doen is niet alleen het onbekende bekend maken, maar ook oog hebben voor de klassiekers. Klassiekers die verhalen in zich hebben. Verhalen die nog niet verteld zijn, of verhalen die gemaakt worden tijdens een rit. Voor Cycling Destination gaan de Mountain High Chasers op zoek naar dit soort verhalen. Sterker nog, de queeste om alle beklimmingen uit het boek Mountain High te doen is een verhaal op zich. Erwin en Erwin gingen op weg naar Anzère voor een prachtige reportage. Onderweg konden ze de lokroep van Grand Saint Bernard niet weerstaan. Geniet jij mee van hun verslag?

Vanuit de auto

Het is de tweede week van juni en op een zomerse dag stappen we met veel zin de auto in richting Zwitserland. De eindbestemming van deze rit, Sembrancher. Waarschijnlijk gaat er niet direct een belletje rinkelen, maar voor de echte kenners, het is de plek waar de Grand Saint Bernard omhoog begint te lopen. Vanuit Utrecht geeft de navigatie 942 kilometer aan. We besluiten de rit in tweeën te delen zodat we de col op onze aankomstdag direct vanuit de auto kunnen bedwingen. Na een mooie rit richting Duitsland, overnachten we voorbij het halverwege punt. Na een goede nacht slaap trekken we verder richting Zwitserland.

Ready? Set. Go!

Inmiddels rijden we tussen de machtige bergen en weten we weer waarom we gisteren zoveel zin hadden om de auto in te stappen. De kriebels in de buik worden sterker en voordat we het zelf doorhebben staan we ons achter de auto om te kleden voor de klim naar de Saint Bernard. De reden dat we wat extra kriebels voelen is het feit dat de Col du Grand Saint Bernard er één is van ‘onze’ lijst. Dat wil zeggen dat we na vandaag weer een stap dichterbij ons doel zijn; de 50 bergen uit het boek ‘Mountain High’ voor ons 50ste beklimmen. 

We slaan het boek nog één keer open en bekijken wat ons te wachten staat. Kort gezegd, een klim van 30,6 kilometer met een gemiddelde van 5,7% en een maximum van 10%. We zullen eindigen op een hoogte van 2469m en hebben daarmee ruim 1800 hoogtemeters afgelegd. Vele wielertoeristen zullen zeggen dat de ‘echte’ klim start in Martigny. En hier zit ook een kern van waarheid in omdat de pass is aangelegd om Martigny te verbinden met het Aostadal in Italië. Echter, de weg vanuit Martigny is erg druk en er is weinig ruimte voor fietsers. Het is daarom niet aan te raden om in Martigny te starten, wel om Sembrancher als startplaats te nemen.

Direct in het zweet

Rond het middaguur stappen we op de fiets en draaien we vanuit Sembrancher de 21 op richting de top. De weg begint langzaam op te lopen, maar met rugwind en percentages van 4 a 5% is het heerlijk warm trappen. De temperatuur helpt ons hierbij wel een handje want al snel is het shirt behoorlijk nat van het zweet en lopen de eerste druppels tussen de helm en de zonnebril door. De weg voelt groot aan, maar met de verkeersdrukte valt het erg mee. Zeker nadat we Orsières zijn gepasseerd blijven er enkele auto’s plus twee fietsers over. Doordat de zon hier wel echt kan branden voelen de benen zwaar, maar de weg is nog steeds erg vriendelijk voor ons en blijft rustig omhoog lopen.

Licht aan het ‘einde’ van de tunnel

Het bijzondere van deze klim is dat je vrij lang door een tunnel fietst. Wees gerust, het is een tunnel waarvan de wand aan de dalzijde open is. Zo heb je niet het gevoel opgesloten te zitten. Maar toch, mooi is het niet. Tip van ons: maak jezelf goed kenbaar met verlichting op de fiets. De tunnel is vier kilometer lang. De klim vlakt zo nu en dan wat af waardoor het op een warme dag heerlijk verkoeling biedt tijdens een lange klim. Zodra je denkt dat er geen einde aan komt, is het spreekwoordelijke licht aan het einde van de tunnel te zien. In de tunnel kom je op een afslag terecht. Rechtdoor ga je verder door de echte tunnel in (niet voor fietsers). Dat is de snelste route naar het Aostadal, maar rechtsaf start ‘de col’. Bij het zien van het bordje ‘col’ gaat ons hart nog sneller kloppen, wetende dat het mooiste stuk nog komen gaat.

De col

Het is best gek. We klimmen al ruim 22 kilometer en nu pas worden we naar de col gestuurd. Zodra je uit de tunnel komt zie je direct waar je heen moet. Een slingerende weg loopt hard omhoog tussen de wilde en steeds kalere toppen van de Bernard. De vriendelijkheid van de weg stopt direct en de percentages lopen snel op naar de beloofde 10%. Ineens zijn de eerdere 22 kilometer een onderdeel geworden van dit spektakel. Zie het als Milaan – San Remo, zonder de eerste 280 kilometer geen spektakel in de laatste 20. Dat geldt ook een beetje voor de Saint Bernard. De eerste 22 kilometer zijn niet de meest interessante kilometers, maar man, wat een spektakel krijg je als je blijft tot het einde!

Alles wat je van een col verwacht krijg je in de laatste 7 kilometer. Haarspeldbochten, smalle steile weg, woeste riviertjes en dat alles terwijl je wordt aangemoedigd door de marmotten in de Alpenweide. Doordat we al ruim boven de 2000m zitten is de hitte uit de lucht en kunnen we volle bak omhoog. Dit kan ook niet anders want de col geeft je geen ruimte meer om te sparen. 

Op weg naar… het Hospice

In de haarspeldbochten heb je mooi zicht op wat al achter je ligt. Dit moedigt aan om verder te gaan. Met nog twee klassieke bochten te gaan kijken we uit naar de cola en wellicht een pizza op de top. Er doemt een groot gebouw op met vlak ervoor het bevrijdende bord ‘Col du Grand Saint Bernard’. Gek genoeg zegt Garmin dat we nog 500m verder moeten rijden. Volgzaam als we zijn rijden we het bordje hard voorbij. Inmiddels passeren we het gebouw en blijkt het een hospice te zijn. We zijn niet thuis in de wereld van hospices. Toch denken wij dat dit het hospice moet zijn met het mooiste uitzicht ter wereld. Op 2400m omringd door besneeuwde toppen en het ‘lac du Grand Saint-Bernard’ voor de deur…. Zoals gezegd: Garmin wil dat wij nog een stukje verder rijden. We rijden langs het meer zodat we op de grens van Zwitserland en Italië nog een bordje met ‘Col du Grand Saint Bernard’ passeren. 

De gele schoenplaatjes raken voor het eerst het asfalt. In de wetenschap dat we weer een col dichter bij ons doel zijn lopen we met veel voldoening Hotel Italia in. Ook hier worden we niet teleurgesteld en genieten we van onze pizza met cola en praten we na over een unieke klim.

Route

Hieronder de klassieke route vanuit Martigny. Hoewel het dus aan te raden is om vanuit Sembrancher te starten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp