Verborgen pareltjes in fietsstad Bolzano

9C63CCDC-50C4-481F-BDBC-A3587E4BAD88-2

Bolzano is cycling. Met deze slogan wil de bruisende stad in de provincie Sudtirol – Alto Adige zich nadrukkelijk profileren. Qua locatie kun je het haast niet beter treffen. De dolomieten liggen letterlijk aan je voeten en er is zoveel keus dat je bij voorbaat bijna de weg kwijt bent. We gingen op onderzoek in deze stad aan de Adige. Lees verder voor onze bevindingen!

Bruisende stad aan de rivier

Bolzano (of Bozen) is een middelgrote stad met iets meer dan 100.000 inwoners. Bij veel Nederlanders is de stad bekend als ‘de afslag richting de Dolomieten’, ‘de eerste stad in Italie op weg naar het Gardameer’ en meer van zulke typeringen. Wat ons betreft zeer onterecht. Want de stad heeft alles om een perfect basecamp te zijn voor jouw fietsvakantie. ’s Ochtends trek je erop uit op de fiets en na jouw fietsrit ga je genieten van alles wat deze stad te bieden heeft. Neem een aperitief op Piazza Walther, de trekpleister voor de locals, ga dineren in een van de vele mooie restaurants of ga voor een wijnproeverij, bijvoorbeeld bij Schmid-Oberrautner, een wijndomein midden in de stad! (oh ja, je kunt er ook slapen).

Dolomieten marathon

Voor de fietsers onder ons is Bolzano eerst en vooral de stad van de Giro Delle Dolomiti oftewel de Dolomietenmarathon. Dit schitterende event is mede de reden van onze komst. Deze etappe cyclo bestaat uit 6 verschillende etappes die grotendeels ‘en groupe’ gereden worden. Inclusief motorescorte, wild gesticulerende Italiaanse koersdirecteur en goed verzorgde stops. Tussen enkele stops zijn er getimede segmenten, die uiteindelijk zorgen voor een ranglijst. Er is een prijs voor de dagwinnaars in verschillende klassementen en uiteraard voor de eindwinnaar. Je kunt alle dagen deelnemen of een aantal losse etappes doen. Qua organisatie doet het zeker niet onder voor bijv. een Maratona.

Wij rijden dit jaar de 5e etappe, ook wel de ‘Rosengarten’ genoemd. De etappe leidt van de Fiera (jaarbeurs) in Bolzano via de Passo Nigra en de ‘Obergümmer’ terug naar de finish. 90km met 2208 hoogtemeters. Geen sinecure.

Ritje langs de rivier

Omdat we even moeten wennen aan de omgeving en 160km inclusief de Sella Ronda (die is dus te bereiken vanuit Bolzano) liever even overslaan, pakken we ’s ochtends de fiets voor een stukje langs de rivier. Bolzano heeft een heel goed fietspaden netwerk en ook langs de rivier is het (zeker ’s zomers) erg fijn fietsen. Je kunt de hele rivier de Adige volgen zelfs tot aan Verona. Met Bolzano als basis kun je wellicht beter voor een andere route kiezen, bijvoorbeeld over de Mendelpass of bij Trente richting het meer van Molveno.

Na een korte verkenning en het testen van de huurfiets (we zijn gevlogen op Verona en vervolgens met de trein in twee uurtjes naar Bolzano centraal gereden) gaan we ons voorbereiden op het echte werk. Etappe 5 van de Dolomieten marathon

Dolomieten

We fietsen vandaag de GDD etappe 5, door de zogenoemde Rosengarten. Enige parcoursverkenning vooraf leert ons dat er een mooie lange beklimming inzit, met een soort tussenplateau. Je klimt naar bijna 1700m hoogte, alwaar je een schitterend panorama hebt over de omliggende dolomieten. De typische puntige bergen zijn een prachtig decor voor de lunchstop. Daarna is het rustig afdalen alvorens nog de haarspeldbochten van de Obergummer op ons wachten.

Goed-voor-mekaar-show

Bij de start is alles goed geregeld. Het ruime beursterrein van de Fiera biedt genoeg ruimte voor iedereen en er is ’s ochtends een kop koffie te krijgen en een typisch Italiaans ontbijt. Je kunt makkelijk je rugnummer ophalen, je tas achterlaten die bij de verschillende stops ook weer te gebruiken is (zodat je niet per se alle jasjes en troep mee hoeft te zeulen op je rug). Het enige vreemde is het opspelden van een rugnummer. Met het stuurbordje en een timer aan je zadel lijkt dat wat overbodig. Maar ja, in de atletiek loopt iedereen ook nog met zo’n ding, terwijl je daar soms niet eens je baan uit kan.

Ready, set, go!

De start, vandaag om 09:00 wordt voorafgegaan door de korte huldiging van dagwinnaars en het voorstellen van wat prominenten. Vanaf dan gaan we achter de volgauto in een peloton de stad uit, richting Prato Isarco en vanaf daar via de lange route richting Tiers en door naar de top. Het is warm, ook al zo vroeg ’s ochtends. De temperatuur zal rap richting de dertig graden gaan en goed drinken is dus wel aan te raden. De sfeer is gemoedelijk en het is fijn om niet gelijk vol te moeten geven. De begeleiding van motoren is ook prettig, het zorgt ervoor dat je niet bang hoeft te zijn dat er een Italiaanse gek nog even binnendoor gaat inhalen als je niet oplet. Of dat je bijna de kant in wordt gedrukt door een inhalende tegenligger.

Vanaf Prato Isarco is de gekozen klim 25 kilometer lang, met een lang vlak/dalend tussenstuk. Over de hele klim gaat het aan 5,6 % maar met een kilometer aan 11,7% en lange stukken boven de 10 is het echt geen walk in de park. De eerste zeven kilometer gaan erg lekker. Ik heb ‘goede benen’ vandaag en kan de kop van de groep, 300 man groot, goed volgen. Al vrij snel heb je mooi zicht op het dal, op de overkant van het dal waar je dorpjes als Colalbo, bekend van de schaatstrainingskampen, mooi zien liggen. Ook de wijngaarden die zich tegen de randen van de vallei hebben genesteld zorgen voor een mooi sfeerbeeld. Ook in het najaar ziet dit er, met de herfstkleuren schitterend uit.

We slingeren omhoog en naarmate we wat verder van de vallei verwijderd zijn wordt het uitzicht echt anders. Alleen maar berg en bergweides om ons heen. Mooi groen, goed asfalt. Het is echt een feest om hier te rijden. De beklimming loopt hier ook niet extreem steil, dat helpt ook bij het fietsgenot.

Eerste stop

De beklimming is totaal 25km lang, maar bestaat uit twee delen. Na het eerste deel volgt een stukje geleidelijk afdalen tot aan de eerste stop. Hier is een waterfontein, zoals in vele Italiaanse dorpjes. Verder is er sportvoeding en koeken te verkrijgen. Prima catering, ook met de stukken fruit die te verkrijgen zijn. Iedereen komt even bij van het eerste stukje klimmen. Op een gegeven moment roept de wedstrijdleiding om dat we weer gaan verzamelen voor het tweede deel. Dat is het zwaardere deel waar ook de timing aangezet wordt. Belangrijk voor de klassementen mannen en vrouwen. Je merkt dat dat toch wel speelt, iedereen praat een beetje over zijn/haar positie. Voor ons niet belangrijk, maar leuk om te merken.

Pijn lijden, met een grote P.

Als we weer achter de koersdirecteur zitten rollen we gezamenlijk naar de start van de timing. Als de auto wegrijdt en iedereen ‘los’ mag, merk ik ineens waarom dit deel gekozen is voor het wedstrijdgedeelte. Wat. Een. Hel. Als je net 15min hebt stilgestaan en je moet daarna direct aan 12% tot uitschieters met 16-17% beginnen, dan sta je letterlijk in de ‘Parcheggio’ zoals Renaat Schotte dat zo mooi kan zeggen. Het is niet fraai om te zien, ik hark naar boven en wordt links en rechts ingehaald door fitte oude mannen. Pijnlijk.

Naar de top toe wordt het wat minder steil en kan ik ook weer wat om me heen kijken. Op bijna 1800 meter is het een mooi gezicht. De typische Dolomieten vergezichten doen de pijn even vergeten. Bij de finish van dit stuk worden we nog even luid aangemoedigd en daarna is het nog een klein stuk door naar de tweede stop. Een ruime vlakte waar verschillende tentjes staan met o.a. apfelstrudel (winnaar!) en genoeg eten en drinken voor iedereen. Omdat het deze dag heel warm is, zoekt iedereen toch naar schaduw. Bushokjes en een paar EZ-up tenten bieden uitkomst.

Gummer

Na een stop van ongeveer 30 minuten klinkt weer het sein om te verzamelen. De koersdirecteur hangt al bellend uit het raam van de auto. Typisch Italiaans, dat doet wel iets voor het sfeertje. Na een gecontroleerde afdaling, waarbij er toch idioten zijn die een supertuck doen, in een groep, draaien we op een rotonde richting de ‘sprint’. Een korter getimed stuk op de beklimming van de Gummer. Een mooie slingerweg vanuit Cardano. Het is een mooie spot voor foto’s. Het sprint gedeelte laat ik even aan anderen over. Ik merk dat ik de inspanning wat lastiger verteer. Ik rij gecontroleerd naar boven en bij de afslag richting Obergummer draaien we juist linksaf richting het planetarium. Dan glooit het nog een beetje alvorens we in Cornedo weer gegroepeerd worden.

Finish

Na een mooie lange dag op de fiets rollen we tussen 14u en 15u ’s middags weer onder escorte Bolzano binnen. Bij de finish ontstaat er een run op de maaltijd, die bestaat uit rundvlees met speckknödel. Een lokale hartige specialiteit die in combinatie met de salade voor de broodnodige calorieën zorgt. Iedereen gaat op bankjes zitten en napraten over de dag die geweest is. Een mooie afsluiter zo.

Ik ben onder de indruk van dit event. Alles lijkt supergoed geregeld. Ook tijdens de rit zijn er meerdere motoren en ondersteunende voertuigen met water, mechanische en medische hulp. Niemand wordt aan z’n lot overgelaten en door de controle en begeleiding kun je echt lekker vrijuit fietsen. Zelf zou ik graag nog wat minder gecontroleerd dalen, maar gezien de fietskunsten van vele anderen denk ik dat controle beter is :).

Onbekend maakt zeker niet onbemind

Waar ik eerder op de gravelbike al richting Jenesien en Stoarnerne Mandl ben geweest, pak ik nu een andere uitdaging. Vanuit Bolzano de klim naar Oberbolzano via het steilste stukje, de Wolfsgruben. Deze klim begint heerlijk met een haarspeldbochten sectie naar Ritten-Renon om vrij rap daarna linksaf te buigen en dan mag je je borst nat maken. De 8,7km lange klim is gemiddeld 10,7% (!) en er zijn lange stukken bij die daar ruim boven zitten. Het enige wat je kunt doen is blijven stoempen op de kleine molen. Vergeet niet om af en toe even rond te kijken want ondanks de inspanning en het pijnlijke vooruitzicht van weer 15% wegdek is het echt genieten.

Na 9 kilometer kom je weer terug op de hoofdweg die je via Colalbo weer terug kan leiden naar huis. Maar eerst linksaf omhoog naar het kabelbaanstation van Oberbozen. Het uitzicht is hier mooi en je kunt op de top lekker een kop koffie drinken. Wel even cash meenemen, want pinnen is hier nog een uitzondering.

Als je daarna richting Collalbo rijdt heb je een mooi uitzicht over de vallei en de achterliggende Dolomieten. Het laatste tukje Collalbo in is vrij pittig, maar je kunt vrij snel daarna alweer naar beneden draaien en de afdaling die volgt is heerlijk. Niet te steil, goed overzicht en je hebt een heel goed wegdek. Het is schitterend zo!

Naast het fietsen: Ötzi, wijn en bier

Bolzano kun je uiteraard goed op de fiets verkennen. In het compacte centrum kun je wellicht beter lopen en als jouw hotel centraal gelegen is, zoals het Hotel Scala Stiegl waar wij verbleven, dan is het prima te doen. Voor iedereen is het bezoek aan het archeologisch museum en de ijsman ‘Ötzi’ een must. We kregen een privé rondleiding en dat was meer dan de moeite waard. Helaas mochten we geen foto’s nemen, maar het verhaal van deze mysterieuze man en zijn ontdekking is bijna uniek te noemen.

Wijndomein in de stad

Je kunt in Bolzano niet om de wijncultuur heen. We mogen op bezoek bij Schmid Oberrautner. Een schitterend wijndomein met appartementen, middenin de stad. Er groeien aan de takken nog wat mooie ‘Lagrein’ druiven, naast ‘St Magdalener’ de druif van de stad. Het is vrij bijzonder dat een stad niet één, maar zelfs twee druivensoorten heeft. Vele voorbeelden zijn echt verbonden aan een regio of een stad. Soave, Valpolicella, Chianti.

Deze plek kan uitstekend als uitvalsbasis dienen voor een mooie fietstrip. Het enige dat nog ontbreekt is een opslag voor de fiets, maar daar is wel wat voor te vinden. Het echtpaar dat dit wijngoed runt heeft pure passie en ondernemerszin. Dat is gaaf om te zien. De wijn is overigens van zeer goede kwaliteit. Na enige nipjes en proefglaasjes moeten we even bekomen. Een goede lunch op het landgoed met wat lokale kaas, vleeswaren, brood en meer doet wonderen.


Als je helemaal gek bent van wijn dan is Bolzano het walhalla. Je kunt vanuit de stad de wijnroute volgen, richting Kaltern en Tramin an der Weinstrasse. In het najaar is dit helemaal een aanrader als het ‘Törrgelen’ seizoen begint en je in Tramin ook de Autumn Wine Days hebt. Meer info over de wijn en alles wat daarbij komt kijken vind je op de site van de Südtiroler Weinstrasse


Stad en meer

We lopen na onze copieuze lunch als een Holle Bolle Gijs nog een rondje door de stad. Op de dagelijkse markt is er genoeg aanbod van fruit, specerijen, pasta maar ook bloemen. Leuk om even te bekijken. De centrale winkelstraat, Via dei Portici kenmerkt zich door een mooie bogengalerij, waar je ook mooi even kunt schuilen bij een (zeldzame) zomerse bui. In deze galerij zit nog een mooie koffieplek verstopt, Thaler. Het ziet er niet uit als een koffiebar en je moet met de lift naar de 5e verdieping, maar daar ligt toch echt een mooi dakterras verscholen, vanwaar je een tof uitzicht hebt over de stad en de omringende bergen.

Eerder hebben wel een goed aperitief gedaan bij het Hotel Città, de trekpleister van de stad. De hotelbar en het restaurant zijn recent grondig onder handen genomen en alles straalt grandeur uit. Het is hier zien en gezien worden en met een fles van de locale ‘Spumante’ is het goed bijkomen van een ritje in de bergen.

Bier? Ja bier!

Bier en fietsen gaan al langere tijd goed samen. Inmiddels zijn er vele goede sportbieren, laag in alcohol of soms helemaal alcoholvrij. Menig toerfietser vind het gewoon lekker om na een lange fietsrit een mooie Weizen, blond of IPA achterover te slaan. Daar is niks mis mee. En als je toch liever een biertje drinkt dan een lokale wijn, ga dan naar Batzen Hausl. Deze craft beer brouwerij doet echt mee in de top van de Italiaanse craft beer scene. De jonge eigenaar is bezeten van bier en probeert elke keer weer nieuwe smaken uit. In de brouwerij annex taproom annex restaurant heeft hij zelfs een eigen ‘lab’ waar bijvoorbeeld wijn en whisky vaten voor de lagering worden ingezet. Naast de bekende soorten staan er echt ook wat fruitige bieren op het menu, die verrassend goed smaken. Gecombineerd met een klassieke, ‘stevige’ kaart met daarop ook Schweinshaxe en veel gegrild vlees is het goed verpozen. Neem niet te veel van alles, anders kom je de dag erna je zadel niet meer op en zit dat slim fit shirtje wel erg strak….

Praktisch

Bolzano is goed te bereiken met de auto, het vliegtuig en de trein. Je kunt via Innsbruck met de Nightjet naar Bolzano gaan. Als je ‘s-avonds om 20.00 in de trein stapt op Utrecht centraal ben je om 11:30 de volgende ochtend middenin Bolzano. Je kunt zelfs je fiets meenemen!

Met de auto is het een volle dag rijden, ook weer via Innsbruck en de Brennerpas. Als je wilt vliegen is de beste optie om op Verona te vliegen en vanaf daar de trein te pakken. Die doet er ongeveer 2 uur over.

Verblijf

Bolzano heeft vele hotels en appartementen. Ook in de omgeving kun je genoeg mooie plekken vinden. In het Hotel Scala Stiegl, met zwembad, opbergruimte voor de fiets en een goed ontbijt ben je zo de stad uit en rijd je richting de Dolomieten.