Echte bergen beklimmen: een weekend Vogezen

Eigenlijk kan de naam voor een beklimming niet mooier zijn dan deze: Col du Grand Ballon. Een grote ballon, waar je van meerdere kanten tegenop kunt fietsen. Bovenop de Grand Ballon vind je ook een grote ballon. Dit is een radar die voor allerlei (onbekende) doeleinden wordt ingezet. In de winter kun je er skien, getuige ook de liftenconstructies die zijn opgetuigd (en in de zomer weinig klandizie hebben). Het is een interessant uitzicht na een klim van bijna 25 kilometer (vanuit Bühl).

Schitterende locatie

Het bergachtige gebied van de Vogezen concentreert zich in het Parc National des Ballons des Vosges. Dit prachtige gebied, in de ‘oksel’ van Frankrijk, net onder Luxemburg en ten westen van het Zwarte Woud, is geliefd bij veel fietsers. Niet alleen vanwege de variatie in routes, maar ook vanwege de locatie in het wijngebied van de ‘Alsace’. Als je ten oosten van het park jouw accomodatie hebt, dan kun je schitterend tussen de wijnranken doorrijden. Daar vind je ook de kenmerkende dorpjes zoals Eguisheim of Pfaffenheim met kleurrijke vakwerkhuizen.

Lang werk

Terwijl ik vanuit mijn verblijf in Rouffach de fiets pak kijk ik met een schuin oog naar de lucht. Dat is niet best. Het is midden zomer en er hangen donkere wolken boven het gebied waar ik wil fietsen. Naja, het is een graad of 22 dus het zal wel meevallen. Met frisse moed ga ik beginnen aan mijn toch van 65 kilometer richting het dak van de Elzas en de Vogezen: de Grand Ballon. Als route heb ik gekozen voor de lange versie via Buhl. Die klim is totaal bijna 25 kilometer. Dan rijd je omhoog via Le Markstein en uiteindelijk naar de top van Grand Ballon. De route heb ik een beetje uit de losse pols gepland. Komoot had ik ‘geen zin in’ en ik wil eigenlijk gewoon lekker ff fietsen. Het eerste stuk rijd ik wat ongeïnspireerd langs de D weg richting Issenheim. Daar draai ik naar rechts de D430 op die me vanaf Bühl naar een hoogte van 1325 meter gaat brengen.

In totaal zijn het meer dan 1000 hoogtemeters. Het percentage valt alleszins mee, want gemiddeld is het 3,8%, maar er zitten een paar kilometers in die gemiddeld 7% zijn. Dat is wel even pittig. Terwijl de weg vanuit Guebwiller langzaam omhoog begint te lopen krijg ik een lekker ritme te pakken. Na een aantal kilometer kom ik een groepje wandelaars tegen, rechts langs de weg. Ze klappen op hun weg naar beneden en moedigen me aan alsof ik een touretappe aan het rijden ben. Apart, denk ik dan. Begrijpelijk snap ik later. Want ik ben nog geen kilometer verder of van boven gaat de douchekraan open. Het is met recht een regendouche te noemen.

Natte bende

Ik ben er op gekleed, maar toch is het wel even een fikse douche. In mijn hoofd zeg ik telkens: ik blijf lekker trappen, dan blijf ik warm. En dat is ook wat ik doe. Het gaat heel mooi door het bos heen en daardoor ben ik enigszins beschut. Ik krijg wel doorweekte voeten, maar ach, dat mag de pret niet drukken. De paaltjes langs de kant van de weg geven de hoogtemeters en de kilometers aan. Zo heb je een goed beeld van het stijgingspercentage per kilometer. De stukken van 7% gemiddeld doen wel even pijn, maar an sich geen probleem. Ik pak de lange route via Le Markstein en ik ben uiteindelijk blij dat ik dit skidorp in zicht krijg. Dan ben ik al wel 18 kilometer aan het klimmen. Even onder de top zit nog een stukje afdalen, wat ook weer wordt gevolgd door een stuk aan 7%.

Onderweg krijg je een paar leuke haarspeldbochten voorgeschoteld. Het punt van Le Markstein is op 1183 meter, dus we moeten nog even wat verder. Dat glooit eigenlijk meer dan dat het echt klimt. Ondertussen heb je de Grand Ballon goed in zicht. Bij het bordje Grand Ballon (het is inmiddels gestopt met regenen) zet ik de fiets even neer. Mission accomplished. Ik heb met mijn slakkentempo ook 1,5 uur lang geklommen. Das best wel lang voor een klim van slechts 1300 meter en een beetje.

Trillende beentjes

Wat daarna volgt kan ik rustig omschrijven als een van de meer gevaarlijke afdalingen die ik ooit heb gedaan. Omdat het kletsnat is, is de weg spekglad. Nu ben ik geen Paolo Salvoldelli of Julian Alaphlippe, dus ik wordt een beetje zenuwachtig. Bijkomend issue: het is op de top van de Grand Ballon afgekoeld naar 9 graden. Op zich heb ik een warm jack aan, maar doordat m’n voeten zeiknat geregend zijn, bevriezen die haast in de afdaling. Met angst en beven rijd ik de afzink richting Wattwiller. Ik mis de afslag (en de korte route) richting Soultz. Dat is een minpuntje want hierdoor pak ik een route van 85 kilometer totaal. Ik had gerekend op 65 en die laatste 20 kilometer zijn meer hangen en wurgen. Als ik mijn hotel in zicht krijg slaak ik een zucht van opluchting. De 20 minuten onder de douche doen me heel erg goed.

Variaties op een thema

De Grand Ballon kun je op verschillende manier omhoog rijden. Zelfs vanuit Buhl heb je meerdere varianten, waarbij de kortste variant, bijna 10 kilometer, een echte gravelroute is. De bekende andere variant is die uit de richting vanuit Moosch (westkant) of ‘mijn afdaling’ vanuit Uffoltz weer omhoog. Je kunt je er dus best een lang weekend vermaken met enkel deze beklimming. Das best wel mooi, want veelal heeft een beklimming maar twee of maximaal drie varianten.

Moois in de buurt

Het nationale park heet niet voor niets ‘ballons’. Er zijn er dus meer. Bij een grote ballon hoort ook een kleine ballon. De Petit Ballon is qua uitdaging misschien wel leuker. De naam is wat misleidend want de variant vanuit Munster (de Franse variant) is 7.1% gemiddeld over 11 kilometer lang. De top ligt uiteindelijk op 1163 meter. Vergeet niet dat je hier maximaal 15% gaat tegenkomen. Geen kattenpis! Het maakt het een mooie uitdaging. Verderop is er ook nog de Col de Hundsruck, die in 7 kilometer ook 7% gemiddeld voorschotelt. Dat is ook een mooie uitdaging!

Planche des Belles Filles

Uiteraard mag dit in een stuk over de Vogezen niet ontbreken. De afgelopen jaren is deze klim meerdere keren opgenomen in de Tour de France en met name in 2020 was deze beslissend. Hoe ene Tadej Pogacar daar omhoog reed zal menigeen zich nog herinneren. De mythe rond deze beklimming groeit snel. In 7 kilometer klimt deze kleine vriendelijke reus aan 8,8% met een maximum van 20(!)%.